![]() Peter Klaver DVM
|
|
Tekst: Evelien Testerink-Baas Stichting Platform Verantwoord Huisdierenbezit vroeg mij een afstudeerscriptie te schrijven over de schadelijkheid van zaagsel bij konijnen en ratten. Hieronder staat een samenvatting van de scriptie. Wat is zaagsel? Veel mensen gebruiken een bodembedekking op basis van hout voor hun knaagdier of konijn. Een bekend voorbeeld hiervan is zaagsel. Zaagsel is één van de meest gebruikte bodembedekkers, doordat het ruim verkrijgbaar is, lekker ruikt en goedkoop is. Maar wat is zaagsel nu precies? Volgens van Dale is zaagsel: afval van het zagen. Dit zaagsel bestaat uit fijne, stoffige deeltjes. Er zijn echter verschillende vormen bodembedekkers op basis van hout, die men ¨zaagsel¨ noemt: houtkrullen, houtvezel, houtschaafsel, houtsnippers, houtmot. Mensen gebruiken deze vormen door elkaar en noemen alles 'zaagsel'. Om verwarring te voorkomen wordt in dit werkstuk de volgende definitie van zaagsel gebruikt: zaagsel is afvalhout en vers hout in de vorm van houtvezel, houtkrullen, houtschaafsel, houtsnippers en houtmot. Zaagsel is een natuurproduct en heeft natuurlijke insectendodende en desinfecterende eigenschappen door de aromatische verbindingen die in het hout zitten. Het wordt in Europa voornamelijk uit naaldbomenhout gemaakt. Naaldbomenhout wordt ook wel zachthout genoemd. Houtsoorten die gebruikt worden voor bodembedekkers, waaronder zaagsel, zijn: pijnboomhout, cederhout, beuken, populieren/espen, esdoorn en berken. Vanwege hun geur en insecten- en bacteriëndodende eigenschappen zijn vooral pijnboom- en cederhout populair bij de consument. Deze soorten mogen in de EU onbehandeld niet gebruikt worden in de productie van bodembedekkers. In Nederland zijn naast zaagsel nog een aantal andere bodembedekkers op basis van hout te koop. Zo zijn er beukensnippers in verschillende vormen te krijgen, van fijn tot grof. Deze snippers worden verkocht onder de naam 'Beukensnippers'. Beuken is een hardhoutsoort, evenals berken, eiken, populier en espen. Care-Fresh heeft een product op de markt op basis van populierenhout. Het product is een combinatie van houtpulp en gerecycled papier. Puik heeft houtkorrels op de markt, samengeperst hout, wat uitzet als het vocht opneemt. Deze korrels zijn gemaakt van loofbomen (hardhout). Schadelijke stoffen in hout Het zaagsel en andere bodembedekkers van hout, die in dierenwinkels verkocht worden, bevat stoffen en zuren die van nature voorkomen in het hout waarvan het gemaakt is. Hout bestaat voornamelijk uit cellulose, polyoses en houtstof. Daarnaast bevat het van nature voorkomende lichtere chemicaliën. Deze laatste stoffen verschillen per houtsoort en wekken verschillende gezondheidsreacties op. Abietinezuur en plicatinezuur zijn de bekendste irriterende zuren in zaagsel. Abietinezuur is een zuur dat in pijnboomhout zit. Het is een diterpeencarbonzuur. Diterpenen functioneren als groeiregulatoren in de plant. Abietinezuur is een belangrijk bestanddeel van pijnhars. Abietinezuur is een zwak contactallergeen en kan contacteczeem veroorzaken. Zelf zorgt het zuur voor zwakke allergische reacties, maar door oxidatie in de lucht ontstaan allerlei componenten die sterkere allergische reacties veroorzaken. Abietinezuur is ook bekend als sylvic acid. Klaver liet in 2005 verschillende merken zaagsel onderzoeken op de aanwezigheid van naald- of loofbomenhout en abietinezuur. Alle onderzochte zaagsel was gemaakt van naaldbomenhout en bevatte abietinezuur, met concentraties tussen de 0,18- 2,00 mg/gram houtsnippers. Ceder- en pijnboomhout laten lekker ruikende stoffen achter, de zogenaamde vluchtige fenolen. De belangrijkste en meest irriterende fenol in cederhout is plicatinezuur. Houtstof bevat ook endotoxinen. Endotoxinen zijn celwandbestanddelen van bacteriën, die vrijkomen bij afbraak van bacteriën. Hierdoor zijn ze verantwoordelijk voor infecties. Ewaldsson et al. (2002) vonden naast aantoonbare hoeveelheden endotoxinen ook (1?3)-ß-D-glucaan in bodembedekkers. Dit is een celwandonderdeel van schimmels, bacteriën en planten. Zij kunnen de luchtwegen aantasten. Het cellulose deel (hoofdbestanddeel van de wanden van cellen) van het stof van pijnboomhout tastte de luchtwegen aan. Benzo- en naphthoquinones zijn in hardhout de gevoelige factoren voor contactallergie. Dit zijn oxidatieproducten (reactie met zuurstof) van fenolen. Ze komen in de natuur voor als kleurstoffen en veroorzaken door enzymatische oxidatie bijvoorbeeld de bruine kleur van een opengesneden appel. Bohadana et al. (2000) ondervonden in hun onderzoek dat eikenhout catecholen bevat: factoren die irriteren in de luchtwegen en op de huid. Beukenhout bevat sesquiterpeenlactonen, natuurlijk voorkomende stoffen in planten die contactallergieën kunnen veroorzaken. Invloeden van houtstof op het lichaam Hoewel zaagsel een natuurlijk product is, tonen onderzoeken aan dat het geen véilig product is. De chemicaliën, zoals abietine- en plicatinezuur, zijn insectendodend en zorgen voor een lekkere geur. Ze zijn echter schadelijk voor de gezondheid van mens en dier. Klachten die gezien worden door gebruik van bodembedekkers zijn: irritaties van luchtwegen, doordat abietinezuur schade veroorzaakt aan de wanden. Ook plicatinezuur veroorzaakt schade aan de luchtwegen, zoals astmatische klachten. (1?3)-ß-D-glucaan geeft eveneens reacties in de luchtwegen. Catecholen in eikenhout en sesquiterpeenlactonen in beukenhout irriteren de luchtwegen ook, maar minder ernstige klachten dan spar- en pijnboomhout. Ceder- en pijnboomhout verhogen de activiteit van leverenzymen, waardoor tumoren kunnen ontstaan. Afname van barbituraatslaaptijd is een indicatie voor leverenzym activiteit verhoging. Dieren kunnen afwijkend reageren op medicijnen, zoals anaesthetica. Door aanraking met het bodemmateriaal kunnen verschillende contactallergieën op de huid ontstaan. Hars, wat abietinezuur bevat, is het gevoelige onderdeel in hout. Ook lijkt het immuunsysteem van de darmen beïnvloedt te worden door bodembedekkers. Hier is echter nog niet veel onderzoek naar gedaan. Cederhout verhoogt sterfte onder pasgeboren ratten. Hardhoutsoorten bevatten carcinogenen, kankerverwekkende stoffen en kunnen daarom tumoren veroorzaken. Factoren die van invloed zijn op de schadelijkheid Er zijn een aantal factoren die van invloed kunnen zijn op de schadelijkheid van bodembedekkers. Naar deze factoren is nagenoeg (nog) geen onderzoek gedaan. Er kan gedacht worden aan de concentratie waarin de stoffen voorkomen in het hout. Mogelijk is de concentratie schadelijke stoffen in de materialen niet zodanig hoog dat het daadwerkelijk schade aanricht. Daarnaast kan de hoeveelheid bodembedekking die gebruikt wordt invloed hebben. Dit hangt samen met de mate waarin dieren kunnen graven en zo stof inademen. Mogelijk is een bovenlaag, zoals stro, van invloed op de werking van de schadelijke stoffen. Vorm en structuur kunnen ook invloed hebben. Bedekkers met een harde, vaste structuur, zoals beukensnippers, stoffen minder dan materialen met een fijne structuur, zoals zaagsel. Mogelijk spelen ventilatie en luchtvochtigheid in en om het hok een rol. Door het hok te verschonen wordt het ammoniakgehalte (wat dezelfde klachten geeft als de schadelijke stoffen) minder, maar dit veroorzaakt ook stress bij dieren, wat resulteert in activiteit (graven, rennen) en daardoor stofvorming. De manier waarop het materiaal wordt opgeslagen en de duur daarvan kan ook van belang zijn. Alternatieven Bodembedekkers die bij proefdieren gebruikt worden, worden tegenwoordig vaak gesteriliseerd. Met deze methode worden de micro-organismen die in het materiaal aanwezig zijn verwijderd. Hiermee wordt voorkomen dat het materiaal invloed heeft op de resultaten van het onderzoek. Het is niet met zekerheid te zeggen of met deze behandelmethode ook de schadelijke stoffen uit het materiaal verwijderd worden. Daarbij is het bewerkte zaagsel duurder dan onbewerkt. Merken die dit ontstofte zaagsel verkopen zijn Allspan en Plospan. Meer onderzoek is nodig om te onderzoeken of de schadelijke stoffen met deze methode verdwijnen. Wanneer dat het geval is, zal het moeilijk zijn dit in heel Nederland toe te passen. Het productieproces van zaagsel moet veranderd worden, wat tijd en geld kost. Daarbij werken fabrikanten niet graag mee, omdat ze bang zijn dat dit ten koste van hun productopbrengst gaat. Er zijn alternatieven voor zaagsel te koop. Deze zijn niet op basis van hout gemaakt. Voorbeelden hiervan zijn hennepvezel, vlasvezel, strokorrels en geperste maïskorrels (Corbo). Hennepvezel is in prijs te vergelijken met zaagsel, is stofvrij, bevat nagenoeg geen micro-organismen en heeft een goed absorptievermogen. Corbo is iets duurder dan zaagsel, maar stofvrij en absorbeert goed, waardoor het langer meegaat dan zaagsel. Conclusie Op basis van de literatuur kan gezegd worden dat een aantal gezondheidsklachten bij ratten en konijnen ontstaan door gebruik van verschillende bodembedekkers. Met name zaagsel zou schadelijk zijn. Er is echter nog te weinig bekend over de invloed van omgevingsfactoren, om met zekerheid te kunnen zeggen dat zaagsel en andere bodembedekkers van hout schadelijk zijn voor de gezondheid. Er zijn meerdere factoren die dezelfde klachten veroorzaken als zaagsel. Andere factoren zouden juist de schadelijkheid kunnen tegenhouden. De maximale dosis die dieren binnen mogen krijgen is niet bekend, waardoor ook onbekend is of het verkochte materiaal daadwerkelijk schadelijk is. Meer onderzoek is nodig naar het bewerkingsproces van zaagsel. Hiermee zou het product in de toekomst wellicht 'gezond' gemaakt kunnen worden. Hierbij moet rekening gehouden worden met een prijsverhoging en fabrikanten die hierdoor niet mee willen werken. Op dit moment staat er geen informatie op de etiketten van zaagsel. Het zou goed zijn dit te veranderen en consumenten informatie over de inhoud van het product te geven. Zolang niet alles onderzocht is kan het 'precaution principle' aangeraden worden: gebruik geen bodembedekker op basis van hout, voordat bewezen is dat het niet schadelijk is. In plaats daarvan wordt hennepvezel aangeraden: in prijs vergelijkbaar met zaagsel, geen schadelijke houtstoffen, vrij van stof en micro- organismen en goede absorptie. Voor ratten kan daarnaast gedroogde maïskernen van Corbo aangeraden worden: iets duurder dan zaagsel, maar stofvrij en een goede absorptie, waardoor het langer mee gaat dan zaagsel.
Bronnen:
Tabel 1 Benaming van houtsoorten
(1) In hardhoutsoorten zitten:
Download het
volledige verslag.
|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Copyright © Peter Klaver |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||