Peter Klaver DVM





Wat wil jij worden?                                                      

De heer Klaver is de dierenarts van Artis, de in Amsterdam gelegen, oudste dierentuin van Nederland. Opgericht in 1838 door de Nederlandse zoöloog Dr. G.F. Westerman, is het zelfs de oudste dierentuin van het 'vasteland', daar in Europa slechts de 'London Zoo' ouder is. Peter Klaver blijkt een zeer sympathieke man te zijn, die enthousiast en met veel humor over zijn beroep vertelt. Naast zijn werkzaamheden voor de dierentuin heeft hij nog een veelheid van nevenactiviteiten. Zo werkt hij mee aan een programma over dieren op het regionale radiostation 'Radio Noord-Holland', heeft hij meerdere boekpublicaties op zijn naam staan, waaronder 'De Dierenalmanak' en een boek over kamelen, is hij redacteur geweest van het diergeneeskundig woordenboek, verzorgt hij bij tijd en wijle reisprogramma's bij de TROS en brengt hij op 4 oktober 1999 - dierendag- een CD-Rom van zijn hand uit, 'De Dierendisk' genaamd.

Klaver vertelt dat een dierenarts, in vergelijking met een 'gewone' dokter, meestal geen dankbare patiënten kent. ¨Een hoop dieren herkennen me en vluchten weg als ze me zien. Een mooi voorbeeld zijn de mensapen. Als de chimpansees me zien aankomen, beginnen ze in hun hand te poepen en dat gooien ze naar mijn hoofd,¨ vertelt hij lachend. Toch is af en toe niet alleen zijn 'dierenarts zijn' een reden voor vijandig gedrag. Klaver vertelt: ¨Ik woon hier in de dierentuin en ik heb op dit moment de lama's als buren. Er bevindt zich één mannetje in het hok met een aantal vrouwtjes en die ziet mij als een mannelijke 'rivaal'. Zo gauw ik dicht in de buurt van het hok kom, dan spuugt hij me in mijn gezicht, zoals lama's doen als ze boos zijn. Nu moet ik er elke dag langs, dus loop ik er meestal in een grote boog omheen. ¨Maar ja,¨ verzucht hij quasi- droevig. ¨zo eens in de twee weken ben ik verstrooid of vergeet ik het en dan 'VIats!', word ik weer op vochtige wijze aan mijn buurman herinnerd.'

Aankomst

Terwijl de avondschemering al invalt, arriveren we bij het -gesloten- hek van Artis. Na een tijdje gewacht te hebben, komt een zich verontschuldigende Klaver ons snel halen voor de afspraak. Hij neemt ons mee de dierentuin in en vertelt:
¨'s Avonds na vijven is de dierentuin -als iedereen naar huis is- eigenlijk een beetje van mij, want ik woon hier op het terrein.¨ We komen aan bij zijn behandelruimte, die een rommelige indruk maakt. Het is er vergeven van de dozen en ingewikkelde, maar een beetje ouderwets aandoende, medische apparatuur, die hij allemaal voor niets blijkt te hebben geregeld als afdankertjes van reguliere ziekenhuizen. De dierenarts noemt zichzelf dan ook 'een geboren ritselaar'.

In de hoek staat een dartbord, waarop Klaver, zo maakt hij ons tijdens het gesprek duidelijk, oefent met zijn blaaspijp en pijlen, waarmee hij dieren op een afstand kan verdoven (¨Ik ben beter dan Bamey:' zegt hij bescheiden).

Hij laat ons plaatsnemen aan de operatietafel, waarop wat steentjes liggen, die we achteloos aan de kant schuiven. ¨Ja, die heb ik vanmiddag uit de maag van een aapje gehaald,¨ legt hij vrolijk uit. Hij schuift een kruk aan, neemt plaats en zegt: ¨Nou, kom maar op met, die vragen, dan maken we dat interview snel af en kunnen we een biertje gaan drinken in het café hier vlakbij, want jullie zijn studenten. Die moeten aan het eind van de werkdag toch wel een biertje lusten?¨

Carrière

¨Na de lagere school ben ik naar de brugklas van het VWO gegaan, die in die tijd nog éénjarig was. Ik kon kiezen tussen gymnasium en atheneum, maar ik vond de klassieke talen een beetje stoffig, dus heb ik voor atheneum gekozen¨ vertelt Klaver. ¨Daardoor had ik ook meer vrije tijd om op de boerderij te werken waar k geboren ben. Ik wist eigenlijk al van jongs af aan dat ik of boer of dierenarts wilde worden. Nou. uiteindelijk viel mijn keuze op dierenarts. Toen wist ik, dat je om ingeloot te worden hoge cijfers moest halen. Daarom heb ik tot de vijfde klas flink gefeest en ben ik in mijn eindexamenjaar enorm hard gaan leren om een hoog gemiddelde te halen. Buiten het voetballen heb ik in de zesde klas alleen maar hard gestudeerd. Toen heb ik een zeven en een half. acht gemiddeld gehaald.¨ zegt de dierenarts tevreden. ¨Ik had een B-pakket met ook economie. Beleggen is namelijk een oude hobby van me en dat deed ik toen al een beetje, maar dat heeft eigenlijk niets te maken met mijn carrière,¨ realiseert Klaver zich. Hij vervolgt, ter zake: ¨Ik heb toen erg geluk gehad en ben ik in één keer ingeloot voor de studie diergeneeskunde. Dat was een kans van één op zeven.¨

De dierenarts kwam voor zijn studie terecht in Utrecht, de enige universiteit waar je deze studie kunt volgen. ¨Ik heb de eerste jaren flink doorgewerkt, omdat ik dacht dat het verstandig was snel mijn kandidaatsexamen te halen. Nou, toen had ik na twee jaar mijn kandidaats en was ik twintig. Op dat moment dacht ik als ik nou weer flink doorstudeer, ben ik dadelijk vierentwintig en ben ik dierenarts... Dat is nu ook weer niet de bedoeling¨. Klaver besloot daarom, naast het op zijn tijd meepakken van een studentenfeestje en het nuttigen van de nodige 'studentenbiertjes', zoals hij zegt, een aantal studiegerelateerde dingen te doen, zoals het geven van cursussen en het lopen van extra stages. Ook heb ik een tropencursus gedaan voor tropische ziektes en als ik dan tijd had, liep ik in de zomer mee op de afdeling exotische dieren, met schildpadden, papegaaien en slangen. Daar heb ik zo'n beetje het fundament gelegd voor dit werk, denk ik.¨

Jaren zeventig

Na zijn afstuderen besloot Klaver naar een Derde Wereldland te vertrekken. ¨Ik dacht ik ga later nog genoeg koeien beter maken, dus nu maar wat kamelen. Daarnaast wilde ik ook graag wat voor de mensen daar doen, qua ontwikkelingssamenwerking.¨ Lachend voegt hij eraan toe: ¨Je kent dat hè, dat was in de jaren zeventig... Als student wilde je dan graag arme negertjes helpen, jullie gaan nu voor het grote geld, terwijl wij meer sociaal en maatschappelijk bewust bezig wilden zijn. Ik ben in mijn studententijd ook erg actief geweest in de studentenpolitiek, die toen in opkomst was en inmiddels op zijn retour is. Wij vochten er toen nog voor en 'gingen voor het collectief'. Dat was echt een hele leuke tijd waarin enorm veel werd vergaderd en geouwehoerd... Dus, om de wereld te verbeteren, heb ik een tijdje in Saoedi- Arabië en Zimbabwe gewerkt.¨

Toen zijn arbeidscontract voor het werk in die landen plotsklaps werd opgezegd, kwam Klaver al na zeven maanden terug in Nederland. ¨Nou, toen stond ik dus eigenlijk op straat, hoewel ik natuurlijk wel een vergoeding had gekregen voor de contractbreuk. Daarom ben ik eerst bij een lokale dierenarts gaan werken. Ik kwam er echter al gauw achter dat het niets voor mij was, dit voor de rest van mijn leven te doen. Ik wilde graag wat spannender dieren.¨

Op een bepaald moment zag de dierenarts in een tijdschrift voor diergeneeskunde een advertentie, waarin stond dat Artis een dierenarts zocht. Hij vertelt: ¨Ik was achtentwintig en dacht 'die zoeken ongetwijfeld een oude rot in het vak', maar ja, ik had van alles gezien en meegemaakt, dus besloot ik toch maar een brief te schrijven. Na drie weken kreeg ik een briefje of ik op gesprek wilde komen. ¨Nou¨, grapt hij, ¨ik kreeg de reiskosten vergoed, dus ik dacht 'laat ik er dan maar heengaan'. Omdat ik door mijn houding totaal niet 'verkrampt' solliciteerde, ging het eerste gesprek best wel goed en dat terwijl ik, met die oude auto die ik toen had, een lekke band had gekregen, de moeren van mijn wiel niet loskreeg en daardoor veel te laat was. Ik weet nog dat ze me vroegen waarom ik geen stropdas om had, want ik was gewoon gegaan zoals ik er nu uitzie -wel met een jasje- en ik zat daar achter die tafel en zei: 'Sorry hoor, maar ik solliciteer voor dierenarts!'. Omdat ik zo enthousiast was, denk ik, hebben ze me nog een keer op gesprek laten komen en uiteindelijk aangenomen. En nu zit ik hier al elf jaar,¨ besluit hij vol tevredenheid.

Grrrrr!

Klaver legt uit, wat volgens hem, als dierenliefhebber het nut is van dierentuinen. ¨Ik denk dat een dierentuin de belangrijke taak heeft mensen bewust te maken wat er in de natuur aanwezig is. De dieren hier zijn eigenlijk een soort ambassadeurs van de dieren in het wild Zo kun je mensen laten zien dat deze dieren in de natuur beschermd moeten worden en dat daar geld, tijd en moeite in moet worden gestoken. Want er geldt bij mensen nu eenmaal altijd, dat ze pas van iets kunnen houden, als ze het kennen. ¨

Een 'normale' dag begint voor de dierenarts met het ochtendrapport. ¨Iemand haalt 's ochtends alle briefjes op van alle dierenafdelingen; van de olifanten, giraffen, aquaria, het insectarium, het reptielenhuis en de rest en dan worden die briefjes besproken, aan de hand van de zaken die erop zijn geschreven. Het kan bijvoorbeeld zijn dat er nieuwe dieren zijn binnengekomen, die in quarantaine moeten, dat een olifant een slappe slurf heeft -nee hoor. geintje- maar bijvoorbeeld wel dat er bij een slang wormen in de ontlasting zijn gevonden of dat een aap een wond heeft waarnaar gekeken moet worden. Aan de hand van die lijst loop ik dan, met mijn koffertje, de dierentuin rond en bezoek ik al mijn patiënten. Ik heb, zeg maar, spreekuur ter plekke. Vanochtend begon ik bijvoorbeeld om tien uur bij een jong aapje dat niet wilde drinken en zo werk ik gedurende de dag de hele lijst af.¨

Klaver vertelt die dag ook wat zieke vissen te hebben behandeld. Op onze verbaasde blikken legt hij uit: ¨Ik behandel soms honderden vissen tegelijkertijd. Dan mengen we de medicijnen gewoon door het water. Als er iets mis is, bekijk ik eerst een vis onder de microscoop en pak ik 'het grote zieke vissenboek' erbij. Aan de hand van de symptomen bepaal ik wat ze hebben.¨ Hij vervolgt: ¨Ik heb echter ook wel eens een vis geopereerd, hoor. Laatst nog een sidderaal. Toen moest ik op een houten krukje gaan staan. omdat ik anders enorme schokken zou krijgen.¨

Tijdens zijn behandelingen zijn de dieren meestal verdoofd, vertelt Klaver, toch gaat er ook nog wel eens wat mis. ¨Ik ben een tijdje terug -hier, kijk maar- (de dierenarts toont zijn wijsvinger) door een agouti, een soort wilde cavia, gebeten. Dat was net toen ik naar een congres moest, waar ik een lezing gaf. Toen stond ik daar, voor al mijn collega's, met mijn arm in een mitella en kon ik opbiechten wat er gebeurd was, terwijl ik daarvóór vijf jaar niet gebeten was. Daarbij had ik natuurlijk liever verteld dat ik door een Siberische tijger was gebeten.¨

Ook een voorval met een beer liep bijna verkeerd af. ¨Ik had een keer een lippenbeer onder narcose gebracht om een hartfilmpje te maken en wat bloed bij 'm af te nemen. Dat gebeurde in een heel klein hok met allemaal mensen erbij. ¨Nou,¨ grinnikt Klaver, ¨toen we net bezig waren, tilde die beer ineens zo zijn kop omhoog 'Grrrrr!'. Er zat een heel klein deurtje in dat hok en ik heb nog nooit zes mensen zich zo snel door zo'n kleine opening zien wurmen. In minder dan een halve seconde was iedereen -voem!- als tandpasta er doorheen.¨ Klaver reageerde echter koelbloedig. ¨Kijk. zo'n beest is natuurlijk nog versuft en zal je -tenzij je natuurlijk je arm in zijn bek steekt- echt niet bijten. Ik heb daarom van achter zijn kop opgetild en hem wat extra narcosestof ingespoten.¨

Voetbal knie

Tegenslagen in zijn carrière heeft Klaver, buiten een 'motivatiedip' tijdens zijn studie en een geschil om een niet gehaald tentamen, eigenlijk niet gehad. Als dierenarts van Artis grijpt hem de dood van sommige dieren nog wel eens aan. ¨Met name bij dieren met een echt karakter, zoals de mensapen, is het verdrietig,¨ verteltt Klaver. ¨Vorig jaar zijn er in korte tijd drie gorilla's overleden aan de darminfectie shigella. En als je dan zo'n 'grote kerel' van bijna honderdvijftig kilo in twee, drie dagen ziet sterven, terwijl je niets kan doen, is dat heel aangrijpend.¨

Opgewekter vervolgt hij: ¨Gelukkig gebeuren er over het algemeen veel meer leuke dingen dan vervelende, hoor.¨ De dierenarts vertelt, desgevraagd, over twee opmerkelijke gebeurtenissen. ¨Een hele tijd geleden is er een keer een steenbok ontsnapt. Die sprong over het glazen dak van het restaurant -'tak, tak, tak'- de straat op. Dus wij de politie gebeld van 'jongens, zet de tram even stil, want er springt op dit moment een steenbok over de auto's in de stad heen.' Uiteindelijk heeft een sterke verzorger -die in zijn vrije tijd volgens mij uitsmijter was bij de 'Casa Rosso' of zo- het dier in een parkvijver gevangen.¨

Een voorval dat Klaver, ook vanuit wetenschappelijk oogpunt, interessant en spannend vond, was een chimpansee die een voetbalknie bleek te hebben. Na eerst, in samenwerking met enkele 'mensen'-chirurgen van het Academisch Ziekenhuis in Amsterdam, bij een al dode chimpansee te hebben gekeken, in hoeverre de knie van een chimpansee overeenkomt met de menselijke knie, werd de operatie op het levende exemplaar uitgevoerd en slaagde. ¨Daar heb ik -buiten de media-aandacht- ook op het wetenschappelijke vlak mee gescoord,¨ vertelt Klaver trots. ¨Voor de chimpansee was het ook erg fijn, want vóór de operatie kon hij zijn knieën niet buigen of strekken, maar dat was na de operatie verholpen. Hij was echter zo gewend om op drie benen te lopen, dat hij aanvankelijk nog steeds niet al zijn benen gebruikte. ¨Nou¨, vervolgt de dierenarts, ¨fysiotherapie gaat wat moeilijk bij een aap, dus heb ik 'm dagelijks een pijnstiller gegeven, verstopt in een banaan, die de pijn onderdrukte. Toen begon hij zijn been langzaam maar zeker weer te gebruiken. Hij deed, zeg maar, zijn eigen fysiotherapie. Later hebben we de pijnstiller afgebouwd en nu is hij weer de baas van de apenkolonie... En ondanks dat hij een beetje oud is, neukt hij de hele wereld bij elkaar. Er zijn twee vrouwtjesapen die hij regelmatig 'serviced'¨, besluit Klaver tevreden.

Chaoot?

De dierenarts vertelt niet zo te houden van luie mensen. ¨Nee, die passen niet zo in mijn straatje. Ik houd niet van mensen die erg zeuren.¨ Zelf heeft hij ook mindere eigenschappen, vertrouwt hij ons toe. ¨Ik ben niet supergestructureerd, mijn administratieve vaardigheden zijn niet zo geweldig. Kijk, voor jullie ziet het er hier uit als een bende, maar ik weet zelf best waar ik alles kan vinden. In het weekend komt hier wel eens een verpleegkundige van het ziekenhuis en die roept dan meteen uit 'god, wanneer zal ik komen poetsen?'. weet je wel. Dan zeg ik meestal: 'kom morgen maar'. want dan worden alle tegeltjes weer gedaan door iemand met een beetje smetvrees¨, lacht hij. ¨Ik zie mezelf meer als een vrijdenker. Veel mensen vinden mij een chaoot,maar dat vind ik zelf absoluut niet, anders schrijf je toch geen woordenboek bijvoorbeeld?¨

Om dierenarts te worden, moet je in ieder geval goed zijn op de middelbare school, beweert Klaver. ¨Tijdens je studie is het met name van belang dat je 'zitvlees' ontwikkelt, want het is hard werken. Je hebt 's ochtends drie tot vier uur college en de hele middag practicum en daarna moet je ook nog studeren. Als je dan nog voor je eigen voer moet zorgen, moet je absoluut niet lui zijn. Je hoeft niet extreem intelligent te zijn voor diergeneeskunde -iemand met VWO kan het makkelijk halen- maar een beetje zelfdiscipline is wel een vereiste.¨ Een dierenartsbaan als de zijne, kan hij iedereen aanraden. ¨Hoewel ik niet volledig zelfstandig ben -ik blijf toch een ambtenaar- is dit vak natuurlijk veel boeiender dan een gewone dierenarts. Die zit in zijn praktijk met katjes en hondjes... Zelfs grote huisdieren zijn al niet meer interessant voor me. ¨Nee¨, besluit hij, ¨gewoon dierenarts zijn, is niets voor mij.¨

Hij geeft tot slot nog een boodschap aan jongeren die voor een opleidings- of beroepskeuze staan: ¨Zoek iets wat dicht bij jezelf staat en daarbij mag je best een beetje letten op je carrièreperspectieven. Ik bedoel, als je nu denkt dat je per se pianostemmer wilt worden, zou ik toch maar eens nagaan of dat op lange termijn voldoende uitdaging en inkomen biedt. Je moet kijken wat je leuk vindt en of je er iets mee kunt verdienen en dat betekent heus niet dat je er schathemeltjerijk van hoeft te worden.¨